Op een roze-rode cocktailwolk

Twee schrijfmeisjes vroegen zich af of cocktails maken aan hen besteed was. Conclusies: Schrijfmeisjes moeten vooral dat blijven doen waar ze goed in zijn. Waarom dat is, lees je hieronder.

De workshop bij House of Bols begon om 17 uur, in toeristisch Amsterdam. Maar, vonden we, op een lege maag kun je niet drinken. We zijn in dit geval blogger Danielle en ik. Daarom werd er eerst gegeten, een hele verstandige beslissing. Misschien wel de laatste van die dag. Het werden bagels belegd met lekkers als tonijn of banaan, een fruitshake en een verse muntthee. Bij het schrijven van deze woorden besef ik pas hoe vertederend dat moet overkomen.

 

Voordat de workshop begon hadden we een uur de tijd om door het museum van de House of Bols Cocktail & Geniever Experience te rossen. We zagen wat er in de jenever zat en leerden dat de vrouw van Lucas Bols een slimme tante was die de naam Bols liet vastleggen. Daarna kon je een aantal geur- en smaaktests doen om er achter te komen wat je lekker vindt ruiken of smaken. Ik ga niet vertellen hoe, maar er komt een moment dat je zintuigen voor de gek worden gehouden. Je moet natuurlijk wel bij de les blijven, hè. Als je netjes de geur- en smaaktests hebt gedaan, is het makkelijker om een cocktail uit te kiezen.

 Ik ga voor de Dutch Cosmopolitan. Bij de omschrijving staat dat hij bekend is van Sex and the City. Dat boeit mij bar weinig, ik wil gewoon weten of het lekker is. Danielle kiest voor de Strawberry Cheesecake, geen slechte keuze, blijkt later. Met het bonnetje in de hand schuiven we door naar de bar, voorzien van spiegels aan alle kanten, waar de cocktail voor ons gemaakt wordt. Als ik mij niet vergis, worden onze cocktails gebouwd door een Franse jongeman. Bonjour. Het uur is eigenlijk alweer verstreken als ik van mijn cocktail wil nippen, maar gelukkig mag het goedje mee naar de workshop. Daar worden we verwelkomd door twee jongemannen, die ons de fijne kneepjes van het vak leren.

 Als het eerste deel van de instructie erop zit gaat iedereen naar de oefenbars, waar alles in te vinden is wat je nodig hebt. Het lijkt net op Top Chef, maar dan met cocktails maken en zonder schreeuwerige chefkok. We beginnen met de Strawberry Cheesecake die in eerste instantie heel simpel te maken lijkt. Maar het is verdraaid lastig, blijkt later, om de ijsblokjes netjes in het glas te scheppen en om netjes de ingrediënten te doseren. Het opdrinken van de cocktail is geen probleem, maar het tempo van de workshop bijhouden wel, als we weer naar de bar van onze trainers lopen. Wat zeiden ze nou ook alweer over je eigen gerechten of drankjes proeven?

 Cocktail nummer twee is de Vanilla-Berry Crush, waarbij het draait om stampij maken. Stampij in je glas. Maar daarin moet je weer niet te veel doorslaan, want anders komt het zuur van je fruit bijvoorbeeld te veel naar boven. Is niet lekker. Het scheppen van het gemalen ijs vind ik een nog lastiger dingetje, zeker met al twee cocktails in het buikje.

 O jee, het is alweer tijd voor de derde en laatste instructie. Wat gaat dat gesmeerd, zeg. Nu moet ik er aan geloven: Ik moet zelf een Dutch Cosmopolitan in elkaar draaien. Daarbij wordt de shaker gebruikt waar ‘ie voor bedoeld is: shaken. Zo makkelijk is dat niet, blijkt als Danielle ruzie krijgt met het glas dat deels in de shaker geschoven moet worden. Als de trainers het doen, ziet het er zoveel makkelijker uit. Ik voel de roze-roodgekleurde cocktailbui al hangen, dus ik kijk liever toe hoe mijn gezelschap pielt met de cocktailshaker. Bovendien is de concentratie na drie van die heftig gekleurde drankjes ver te zoeken. Conclusie: De rol van cocktailmaker is niet aan mij besteed. Doe mij maar de gastrol.

Mojito-misère

Tags

,

Ik geloof dat het ding al bijna één is geworden met de dikke laag stof waaronder hij bedolven is. Mijn cocktailshaker. Sterker nog, ik heb er twee. Hetzelfde geldt waarschijnlijk voor het boekje ‘Cocktails maken’. Ooit heb ik een dappere poging gedaan om een Mojito in elkaar te draaien, maar ik krijg buikpijn als ik denk aan wat daarna gebeurde. Te sterk en te veel takjes.

Beeld: Thomas Weiss

Aanstaande zaterdag gaat er misschien verandering komen in mijn Mojito-misère. Samen met blogger en medestudente MIC Danielle ga ik een heuse cocktailworkshop volgen. En daarna ga ik er ontzettend over bloggen. Wordt vervolgd!

 

Collegevrije week

Tags

, ,

© http://www.siteroom.co.uk

Sommige dingen uit je studententijd vergeet je liever. Ik doe dat met de collegevrije week.

Maandagmiddag. Ik sjok door de Utrechtse binnenstad met een stapel enquêtes voor mijn afstudeeronderzoek. Uiteraard met het nodige chagrijn, want voor het printen ervan is minstens één Braziliaans regenwoud gesneuveld. Boehoe. De faculteitsgebouwen lijken alleen wel uitgestorven. Wat lijkt me dat fijn, als je maandag niet naar college hoeft. Ik begin te snappen waarom die gebouwen zo leeg zijn, als ik in gesprek raak met wat studenten in de universiteitsbibliotheek. Het is voor sommigen collegevrije week. Heb ik weer. Straal vergeten wat dat ook alweer was.

De collegevrije week is een contradictio in terminis. Je hebt na een reeks van zeven weken vrij. De week is bedoeld om je tentamens te leren en je studieboeken uit de folie te halen, als je dat nog niet gedaan had. Alleen als je belachelijk slim bent of gewoon overtuigd van jezelf, kun je met je derrière op één of ander tropisch zandstrand rusten. Ik heb jarenlang gedacht dat ik dat laatste wel kon doen (werd alleen het strand van Bergen aan Zee, maar dat zijn details). Ongelofelijk naïef, niet?

“Studeren”, was de MSN-status van mijn ijverige medestudenten. (Dit was in 2005, ja.) Ik lachte in mijn vuistje, want ik had echt wel wat beters te doen na zeven weken college. Zoals mijn sociale leven verbeteren, wat in mijn geval betekende dat ik een stuk uit mijn kraag ging zuipen in mijn stamkroeg. Uiteraard stond de MSN-status de hele dag op “studeren”, maar mijn medestudenten wisten beter. Helemaal op het moment dat Hyves zijn intrede deed. Die goeie ouwe tijd.

Het lachen verging mij al gauw als het zondagavond werd, want ik had nog geen boek opengeslagen. De geur van verse inkt maakte nuchter, net als het aantal bladzijden van het gemiddelde marketingboek. Volgend jaar maar mijn leven beteren. Nieuwe studie, nieuwe kansen.

Die nieuwe studie kwam er, maar het duurde nog even voordat ik verstandig werd. Deze keer waren het geen Kotler en Verhagen die mijn boekenlijst domineerden, maar wetboeken en termen als beschikkingen en pleitnota. Vraag me niet waarom. Zeven weken lang tekende ik poppetjes in mijn collegeblok en lachte ik hard om de mr.drs.prof.iets. die na elke uitgesproken zin ‘Belachelijk!’ scandeerde. Tot de collegevrije week weer aanbrak. Het was huilen met de lampen uit. Zevenhonderd pagina’s over één rechtsgebied leer je namelijk niet op zondagavond om tien uur.

De zomer erna was ik volleerd studiehopper en kampioen uitstelgedrag. Het was tijd voor studie nummer drie. Die was leuk, net als het halen van voldoendes. De collegevrije weken werden besteed aan studeren en slechts incidenteel aan andere dingen zoals het wassen van mijn haar. Maar in die collegevrije week geloof ik niet meer. Ik ben genezen.

Hoe een zwartkijkster kleur kreeg

Tags

,

Donderdagmiddag. Shopsessie met de vriendin met toch wel de beste smaak (sorry voor de rest). Ik krijg een knalroze jurk in het vizier. Ik weet niet of het door de lentesferen komt, maar ik ben op slag verliefd op het dingetje. Eigenlijk alleen vanwege de kleur. Meisjes hebben nu eenmaal iets met roze, vind ik. Er is één probleempje: ik draag normaal gesproken helemaal geen felgekleurde kleding, dus ik zit finaal buiten mijn comfort zone. Ik ben namelijk een zwartkijkster pur sang. De kleur zwart domineert mijn garderobe al sinds mijn tienerjaren, waarin ik opvallen gewoon not done vond. Maar nu zou dit patroon misschien doorbroken worden. Bibbers.

De vriendin sommeert mij om de jurk te gaan passen. Weigeren is geen optie, zie ik aan haar blik. Eenmaal buiten het pashokje, als ik mijn roze gejurkte spiegelbeeld zie, moet ik even slikken. Een pláátje, vindt de vriendin. “Kopen!” Ik weet niet of je van een miniscule gedragsverandering koorts kan krijgen, maar bij mij leek dat te gebeuren. Hellup.

Het nieuws dat ik mogelijk een felroze jurk ga kopen, moet gedeeld worden op Facebook. Het smoelenboek is enthousiast, nu ik nog. Met wanhopige manoeuvres probeer ik de vriendin ervan te overtuigen dat die jurk niet aan mij besteed is. Nog wanhopiger probeer ik van de lyrische verkoopster af te komen, die mij een mierzoet roze vestje erbij aan wil smeren.

Ik doe aan psychologische oorlogvoering met mijzelf. “Niet de juiste schoenen, niet het juiste jasje in mijn garderobe.” Maar daar kan aan gewerkt worden, vindt mijn gezelschap, dus ik besluit de jurk te kopen en ik beloof mijzelf plechtig dat ik hem minstens één keer zal dragen. We schrijven een uur na aankomst in de kledingzaak. Sjonge.

Na deze, voor mij gedurfde aankoop, had ik de smaak te pakken. Inmiddels prijkt er een paar gifgroene sleehakken in mijn schoenenkast. Je leest het al. Ik zit finaal buiten mijn comfort zone. Maar het voelt goed. Laat de zomer maar beginnen.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 135 other followers